Suprefact

Would you like to read this information again? Use the following options:

Alles over Suprefact

Powered by: KNMP logo
  • Introductie

    De werkzame stof in Suprefact is busereline.

    Busereline behoort tot de hypothalamus-hormonen. Het remt de aanmaak van zowel vrouwelijke als mannelijke geslachthormonen.

    Artsen schrijven dit middel voor bij prostaatkanker.

  • Bijwerkingen

    Behalve het gewenste effect kan dit middel bijwerkingen geven.

    De belangrijkste bijwerkingen zijn de volgende.

    Regelmatig

    • Bij het implantatiestaafje: pijn, roodheid en zwelling op de injectieplaats. Eventueel kan de arts het staafje onder plaatselijke verdoving inbrengen.
    • De eerste twee weken van de behandeling toename van klachten door de tumor, zoals problemen met plassen, botpijn en spierzwakte. Daarna heeft dit middel de aanmaak van testosteron onderdrukt en zullen de klachten afnemen. De arts kan voor die beginperiode een pijnstiller voorschrijven.

    Soms

    • Bij de neusspray: irritatie in de neus, bloedneus, verandering van smaak en reuk, en heesheid.
    • Opvliegers (aanvallen van warmtegevoel, rood hoofd en zweten) en zweten.
    • Hoofdpijn.
    • Seksuele klachten, impotentie en minder zin in vrijen.
    • Verkleining van de teelballen.

    Zelden

    • Spier- en gewrichtspijn.
    • Bloedarmoede.
    • Afname spieromvang.

    Zeer zelden

    • Toename lichaamsgewicht, vooral door toename van de eetlust, maar ook doordat uw lichaam meer vocht vasthoudt. Heeft u aanleiding tot dik worden, let dan extra op uw dieet.
    • Duizeligheid.
    • Sufheid en vermoeidheid.
    • Groei van borsten.
    • Minder baardgroei.
    • Overgevoeligheid voor dit middel. Dit merkt u aan huiduitslag, galbulten en jeuk. Raadpleeg uw arts als u hier last van heeft. Een ernstige overgevoeligheid is te merken aan benauwdheid, een opgezwollen gezicht of flauwvallen. Ga dan onmiddellijk naar een arts. Geef aan de apotheek door dat u overgevoelig bent voor busereline. Het apotheekteam kan er dan op letten dat u dit middel niet opnieuw krijgt.
    • Oedeem (vasthouden van vocht). Dit merkt u vooral aan opgezwollen enkels en voeten. Mensen die al last van oedeem hebben, bijvoorbeeld door hartfalen zijn hier extra gevoelig voor. Overleg daarom voor gebruik met uw arts als u hartfalen of oedeem heeft.
    • Hartkloppingen.
    • Maagdarmklachten, zoals misselijkheid, braken en diarree.
    • Stemmingsveranderingen, zoals depressie, angst, nervositeit en snel van slag zijn. Als u dit merkt neem dan contact op met uw arts.
    • Doof of tintelend gevoel, vooral in handen of voeten.
    • Verhoogde bloeddruk. Uw arts zal daarom regelmatig uw bloeddruk controleren. Eventueel krijgt u bloeddrukverlagers of past de arts de dosering van bloeddrukverlagers aan.
    • Toename van de hoeveelheid glucose in het bloed. Dit is van belang voor mensen met diabetes. Zij moeten hun bloedglucose vaker controleren.
    • Verminderde afweer tegen infecties, waardoor u eerder ziek wordt van virussen, bacteriën of schimmels.
    • Trombose (bloedpropje in de aderen). Verschijnselen van trombose zijn een dikke, harde, rode en pijnlijke plek op het been, zelden een plotseling optredende kortademigheid, soms met pijn of het ophoesten van bloed. Waarschuw in deze gevallen onmiddellijk een arts, of ga meteen naar de Eerste-Hulpdienst. Heeft u ooit trombose gehad, dan mag u dit middel waarschijnlijk niet gebruiken. Raadpleeg uw arts.

    Na een aantal maanden gebruik

    • Verlies van botweefsel (osteoporose). De botten worden dan brozer, waardoor deze eerder kunnen breken. Vanwege deze bijwerking zal de arts u dit middel meestal niet langer dan een half jaar laten gebruiken. Daarna kan het botweefsel zich weer voor een goed deel herstellen.

    Raadpleeg uw arts als u te veel last heeft van een van de bovengenoemde bijwerkingen of als u andere bijwerkingen ervaart waar u zich zorgen over maakt.

  • Gebruik

    Kijk voor de juiste dosering op het etiket van de apotheek of in de bijsluiter.

    Hoe?

    Neusspray

    • U dient dit middel toe met een neusspray. Via het neusslijmvlies wordt het in het bloed opgenomen.
    • Snuit vooraf de neus. De neus ophalen is nog beter. Snuit vooral goed als u verkouden bent.
    • Houd uw hoofd een beetje voorover. Breng de tuit in één neusgat, houd het andere neusgat dicht en druk het pompje eenmaal in. Snuif de vloeistof gelijktijdig op, zodat het middel diep in de neus komt. Sluit de flacon daarna goed af.
    • Wissel bij elke toediening van neusgat.
    • Moet meteen na het sprayen niezen? Herhaal de toediening dan.
    • Spoel de tuit elke drie tot vier dagen schoon met lauw water.

    Het flesje is na openen beperkt houdbaar. Kijk op de verpakking hoe lang. U kunt op de verpakking noteren wanneer u het heeft aangebroken.

    Implantatiestaafje

    • Dit middel wordt door een arts onder de huid aangebracht.
    • Het blijft dan twee tot drie maanden werken.
    • Het staafje verdwijnt vanzelf. Het wordt door het lichaam afgebroken.

    Hoe lang?
    De behandeling gaat zolang door als u het middel verdraagt en het goed blijft werken.

  • Vergeten

    Het is belangrijk dit middel consequent te gebruiken. Mocht u toch een dosis vergeten zijn:

    Neusspray
    Als u dit middel 3 keer per dag gebruikt: duurt het nog meer dan 2 uur voor u de volgende dosis normaal neemt? Neem de vergeten dosis dan alsnog. Duurt het nog minder dan 2 uur? Sla de vergeten dosis dan over.

    Implantatiestaafje
    Bent u de afspraak vergeten om het staafje te laten plaatsen? Neem dan contact op met het ziekenhuis om een nieuwe afspraak te maken.

  • Verboden

    autorijden, alcohol drinken en alles eten?
    Bij dit middel zijn hiervoor geen beperkingen.

  • Wisselwerking

    Met de meeste andere medicijnen kunt u dit middel veilig gebruiken. Van het implantatiestaafje zijn er geen belangrijke wisselwerkingen met andere medicijnen bekend.

    De neusspray heeft wel een wisselwerking met, namelijk met neussprays of neusdruppels tegen verkoudheid die xylometazoline bevatten. Wacht minimaal een half uur tussen de neusspray met nafareline en de neusspray of -druppels met xylometazoline. Of uw neusspray of neusdruppels xylometazoline bevat, kunt u nagaan in uw bijsluiter onder het kopje 'samenstelling'.

    Twijfelt u eraan of een van deze wisselwerking voor u van belang is? Neem dan contact op met uw apotheker of arts.

  • Stoppen

    Nee, u kunt niet zomaar stoppen met dit middel. Als u te vroeg stopt met de behandeling, kunnen uw klachten verergeren. Wilt u stoppen, overleg dan altijd eerst met uw arts.

  • Handelsinformatie

    Busereline is sinds 1984 internationaal op de markt. Het is op recept verkrijgbaar onder de merknaam Suprefact in neusspray en als implantatiestift.

Laatst gewijzigd op: 16 mei 2013

Herhaalrecept

Gebruikt u Suprefact? Via deze website kunt u een herhaalrecept aanvragen

Meld bijwerkingen

Een paar minuten van uw tijd kan een leven redden.

Omdat niet alle bijwerkingen bekend zijn op het moment dat een geneesmiddel of een vaccin op de markt wordt gebracht, zijn meldingen uit de praktijk onmisbaar voor een veilig geneesmiddelgebruik.

Lareb verzamelt alle bijwerkingen van geneesmiddelen en vaccins in Nederland. Daardoor valt het snel op als een bijwerking vaak voorkomt. Dit systeem werkt alleen als er zoveel mogelijk bijwerkingen gemeld worden door zorgverleners, apothekers en patiënten.

Uw melding is dus belangrijk om geneesmiddelen nog veiliger te maken!

Meld bijwerkingen